Het Servicepunt is een initiatief van:

Regeling startsubsidie Lokale Energietransitie

Lokale energiecollectieven geven een positieve impuls aan de lokale leefbaarheid, sociale cohesie, economie en werkgelegenheid en kunnen een belangrijke bijdrage leveren in de transitie naar een duurzame energievoorziening. Deze collectieven dragen bij aan lokaal draagvlak voor duurzame energieopwekking, en leiden tot bewustwording en zuinig gebruik van energie.

In de oprichtingsfase hebben collectieven geen of nauwelijks middelen om stappen te ondernemen. Om daadwerkelijk projecten te laten slagen en collectieven te laten uitgroeien tot professionele organisaties zijn middelen nodig om een aantal eerste stappen te kunnen nemen. Deze subsidieregeling voorziet daarin.

Voor het aardbevingsgebied zijn middelen beschikbaar gesteld vanuit het leefbaarheidsprogramma ‘Lokale Energietransitie’ van de Nationaal Coördinator Groningen. Middelen voor initiatieven buiten het aardbevingsgebied komen vanuit het leefbaarheidsprogramma van de Provincie Groningen. De subsidieaanvraag kan worden ingediend bij één loket: het Servicepunt Lokale Energie Voorwaarts.

Artikel 1 Relevante beleidskader
De Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, PbEU, L 352 van 24 december 2013, blz. 1, met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen.

Artikel 2 Begripsbepaling

  1. Een energiecollectief of bewonersgroep is een groep van ten minste drie bewoners, al dan niet georganiseerd in de vorm van een rechtspersoon. Indien deze bewonersgroep niet is georganiseerd in de vorm van een rechtspersoon, dan dient een van de bewoners in de bewonersgroep de aanvraag in mede namens de andere bewoners.
  2. Een lokaal energieproject is een project waarin een energiecollectief samen met de lokale gemeenschap werkt aan energiebesparing en/of lokale opwekking van eigen duurzame energie.
  3. De toetsingscommissie beoordeelt of de aanvraag voldoet aan de voorwaarden en criteria zoals opgenomen in de artikelen 7, 8, 9 en 10.

Artikel 3 Doelstelling en resultaat
We willen met de uitvoering van deze subsidieregel bijdragen aan het ontstaan van energiecollectieven en lokale energieprojecten op het gebied van energiebesparing en duurzame energie, en deze collectieven helpen tot uitvoering te komen.

Artikel 4 Subsidieplafond

  1. Het totale subsidieplafond voor aanvragen binnen het aardbevingsgebied bedraagt € 400.000, voor aanvragen buiten het aardbevingsgebied geldt een subsidieplafond van € 500.000;
  2. Per lokaal energiecollectief is maximaal € 10.000 beschikbaar.

Artikel 5 Vereisten aanvragers
De subsidie kan worden aangevraagd door een energiecollectief uit de provincie Groningen voor het oprichten van een energiecollectief en/of het opzetten van een lokaal energieproject.

Artikel 6 Subsidieaanvraag

  1. Aanvragen voor de startsubsidie Lokale Energietransitie kunnen in de periode van 15 september 2016 tot en met 31 december 2019 worden ingediend.
  2. De aanvraag kan worden ingediend door het digitaal versturen van een ingevuld en ondertekend aanvraagformulier met projectplan als verplichte bijlage via de website www.ServicepuntLEV.nl.
  3. Als de aanvrager een onderneming is, wordt eveneens overgelegd:
  4. een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
  5. een verklaring als bedoeld in de de-minimisverordening (de-minimisverklaring).
  6. Als de aanvrager niet is georganiseerd in een rechtsvorm, dient een lijst over te worden gelegd namens welke bewoners de aanvraag wordt ingediend.

Artikel 7 Projectplan
In het projectplan komen in ieder geval de volgende onderwerpen aan bod:

  1. Beschrijving van het project, de doelstelling en de actuele stand van zaken;
  2. Draagvlak en betrekken dorpsbewoners;
  3. De projectbegroting met daarin duidelijk aangegeven waaraan de subsidie wordt besteed;

Artikel 8 Mogelijkheid tot aanvulling
Het plan wordt beoordeeld op compleetheid en correctheid. Indien een plan als niet compleet of correct wordt beoordeeld, is de aanvrager in de gelegenheid deze aan te passen en/of aan te vullen.

Artikel 9 Weigeringsgronden
De startsubsidie Lokale Energietransitie wordt in ieder geval niet toegekend indien:

  1. de aanvraag niet tijdig is ingediend;
  2. niet wordt voldaan aan artikel 6;
  3. de aanvraag, ondanks verzoek om aanvulling, niet voldoet aan de vereisten in artikel 7 en 8;
  4. de aanvrager binnen deze regeling voor het lokaal energiecollectief een totaalbedrag hoger dan € 10.000 aanvraagt.
  5. deze wordt ingezet voor financiering van eigen uren.
  6. niet voldaan wordt aan de voorwaarden van de Verordening nr. 1407/2013 van de Europese Commissie van 18 december 2013 betreffende de-minimissteun (PbEU, L352/1).

Artikel 10 Toetsingscriteria
Een aanvraag wordt getoetst aan de hand van de volgende criteria:

  1. Het project levert op korte en/of langere termijn een positieve bijdrage aan de realisatie van energiebesparing en/of duurzame energieopwekking.
  2. De activiteiten vinden plaats in de provincie Groningen.
  3. Het project draagt bij aan versterking van de leefbaarheid in het dorp. Er is een aantoonbaar draagvlak onder bewoners/belanghebbenden, of er is voldoende onderbouwd dat dit is te verkrijgen.
  4. Het project dient realistisch en (financieel) haalbaar te zijn.
  5. Bij inhuur van deskundigen dient het product dat wordt opgeleverd te worden omschreven.
  6. De subsidie wordt binnen een jaar na toekenning uitgegeven, tenzij hierover afwijkende afspraken worden gemaakt tussen de aanvrager en de subsidieverstrekker.
  7. De initiatiefnemers zijn bereid zelf de handen uit de mouwen te steken om het project te realiseren. Deze zelfwerkzaamheid is zichtbaar in het voorstel.
  8. Het energiecollectief heeft als oogmerk sociale, ecologische en economische waarde te creëren door het uitvoeren van gemeenschappelijke duurzame energieprojecten en/of een coöperatie hiertoe op te richten. De activiteiten dienen gericht te zijn op het creëren van lokale waarde voor haar deelnemers en nadrukkelijk niet bedoeld om winst te maken anders dan noodzakelijk is voor de vorming van een buffer om de continuïteit van het collectief op langere termijn te kunnen waarborgen.
  9. Bij de aanvraag moet een ingevulde en ondertekende de-minimisverklaring overgelegd worden.

Artikel 11 Subsidiabele kosten

  1. Subsidiabele kosten zijn proces- en organisatiekosten waaronder wordt verstaan: kosten ten behoeve van zaalhuur en catering voor bewonersbijeenkomsten, flyermateriaal voor promotie, ledenwervingsactiviteiten, haalbaarheidsonderzoeken, oprichten coöperatie, ontwikkeling van een business case etc.
  1. Niet-subsidiabele kosten zijn eigen ureninvestering, aflossing schulden, en exploitatiekosten.

Artikel 12 Bepaling omtrent de hoogte en de betaling van de subsidie

  1. Bij toekenning van de subsidie wordt het aangevraagde bedrag gehonoreerd, mits dit het totale bedrag van € 10.000 per lokaal energiecollectief niet overstijgt en met inachtname van het totale subsidieplafond van € 400.000 voor aanvragen binnen het aardbevingsgebied.
  2. Een lokaal energiecollectief kan meerdere malen een beroep doen op de regeling tot aan een maximum van € 10.000.

Artikel 13 Verplichtingen van de subsidieontvanger

  1. Wijzigingen in het project(onderdeel) waarvoor subsidie is verleend die het detailniveau overstijgen, worden schriftelijk en onverwijld ter goedkeuring voorgelegd aan de toetsingscommissie.
  2. De aanvrager houdt een financiële administratie bij en geeft indien gevraagd het Servicepunt inzicht in de besteding van de subsidie.
  3. In de communicatie rond het (project)onderdeel waarvoor subsidie is verleend, maakt de ontvanger kenbaar dat het project mede tot stand is gekomen door;
    1. Aanvragen binnen het aardbevingsgebied: subsidie vanuit het programma Lokale Energietransitie van de Provincie Groningen, Natuur en Milieufederatie Groningen, Groninger Energie Koepel, Grunneger Power en Kansrijk Groningen/NCG.
    2. Aanvragen buiten het aardbevingsgebied: subsidie vanuit het leefbaarheidsprogramma van de Provincie Groningen.
  4. De subsidieontvanger is bereid om de resultaten van het project met andere partijen te delen.

Artikel 14 Vaststelling subsidie

  1. De beschikbare gelden worden verdeeld op volgorde van ontvangst van de subsidieaanvragen.
  2. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de beschikbare gelden de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is, als datum van ontvangst.
  3. Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen die op dezelfde dag zijn ontvangen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting.
  4. De toetsingscommissie stelt binnen 15 werkdagen na ontvangst van de complete subsidieaanvraag het subsidiebedrag vast.
  5. De Natuur en Milieufederatie betaalt binnen 10 dagen na subsidievaststelling het subsidiebedrag in een keer uit.

Artikel 15 Evaluatie en bijstelling
De startsubsidie Lokale Energietransitie wordt in december van ieder jaar geëvalueerd en eventueel bijgesteld vanaf 1 januari van het opvolgende kalenderjaar. Aanvragen worden behandeld volgens de subsidieregeling geldend op moment van binnenkomst van de aanvraag.

Artikel 16 Citeertitel
Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: startsubsidie Lokale Energietransitie